Vraag 1 van 49
Je wil gewoon rechtdoor. Hoe ga je verder?

Uitleg
Je moet in het midden van je rijstrook blijven. Het is niet toegestaan de bocht af te snijden door de waarschuwingsstreepen te overschrijden.
Gratis oefenexamen
Beantwoord 49 vragen, bekijk de juiste antwoorden en lees de uitleg in je eigen tempo.
Vraag 1 van 49

Uitleg
Je moet in het midden van je rijstrook blijven. Het is niet toegestaan de bocht af te snijden door de waarschuwingsstreepen te overschrijden.
Vraag 2 van 49

Uitleg
Ik wijk uit naar de doorgetrokken streep en haal de ruiter in. Dit is geen gevaarlijke situatie, je moet heel voorzichtig zijn voordat je de toeter gebruikt in situaties met paarden en kinderen. Je moet opschuiven naar de doorgetrokken lijn en de ruiter te inhalen.
Vraag 3 van 49

Uitleg
Als er geen tegenliggers zijn, draai ik de auto hier tussen de middenbermen. Je moet de auto hier keren tussen de middenbermen.
Vraag 4 van 49

Uitleg
De snelheid weergegeven op het matrix verkeersbord is verplicht, je moet remmen en doorrijden met 40 km/u.
Vraag 5 van 49

Uitleg
De maximaal toegestane snelheid is hier 80 km/u.
Vraag 6 van 49
Uitleg
Je mag niet naar een garage rijden met een kapotte snelheidsmeter, maar je mag wel naar een garage rijden met een kapotte kilometerteller, die de afgelegde afstand aangeeft.
Vraag 7 van 49

Uitleg
Ik blijf met dezelfde snelheid 100 km/u rijden en schuif naar de rechterrijstrook. Het voertuig achter je is erg dichtbij en dwingt je om sneller te rijden of naar rechts te gaan. Dit is gevaarlijk en de bestuurder achter je kan een rijverbod krijgen. Je moet met dezelfde snelheid van 100 km/u blijven rijden en naar de rechterrijstrook uitwijken.
Vraag 8 van 49
Uitleg
Ja, je mag doorrijden naar de garageservice met een kapotte toerenteller die het motortoerental aangeeft.
Vraag 9 van 49

Uitleg
Het verkeersbord betekent dat je een bebouwde kom binnenrijdt en dat de algemene snelheidslimiet 50 km/u is.
Vraag 10 van 49

Uitleg
Je moet afremmen en rijden met ongeveer 15 km/u vanwege de wegwerker en de verkeersdrempel.
Vraag 11 van 49

Uitleg
Hier mag je 80 km/u rijden, omdat je buiten de bebouwde kom rijdt.
Vraag 12 van 49

Uitleg
Kinderen zijn al op de straat, je moet remmen en in het midden van je rijstrook blijven. Probeer het gebruik van claxons te vermijden in situaties met kinderen, omdat ze daardoor verrast kunnen worden en onvoorspelbaar kunnen reageren.
Vraag 13 van 49

Uitleg
Het verkeersbord geeft meerdere afslagen aan en de eerste scherpe bocht naar rechts.
Vraag 14 van 49

Uitleg
Je moet remmen en voetgangers voor laten. De weg is smal en er is niet genoeg ruimte om door te rijden terwijl er voetgangers op de rijbaan zijn.
Vraag 15 van 49

Uitleg
Dit is een gevaarlijke situatie en je moet erg voorzichtig zijn en verwachten dat de auto rechts van je doorrijdt. Je moet remmen om een ongeluk te voorkomen en de toeter gebruiken.
Vraag 16 van 49

Uitleg
Je moet dezelfde snelheid aanhouden vanwege de rammelstroken voor je, je kunt kleine trillingen in de auto verwachten.
Vraag 17 van 49

Uitleg
Ik zet mijn voet op de rem en ga meer naar links. Het voertuig aan je rechterkant staat op het punt te vertrekken en je moet klaar zijn om te remmen en iets meer naar links te gaan. Je moet niet toeteren aangezien dit geen gevaarlijke situatie is.
Vraag 18 van 49

Uitleg
Je moet in deze situatie remmen en je snelheid verminderen tot ongeveer 5 tot 10 km/u vanwege het slechte overzicht. Je moet voorrang verlenen aan eventueel verkeer dat van rechts komt.
Vraag 19 van 49

Uitleg
Ik verleen voorrang aan de fietser en sla linksaf nadat de fietser is voorbijgereden. Je moet de fietser voor laten gaan en linksaf slaan nadat de fietser voorbij is. Je kruist de richting van de fietser. Bovendien is de fietser te dichtbij.
Vraag 20 van 49

Uitleg
Hij is vrij van achteren en je moet met dezelfde snelheid doorrijden en naar de linkerrijstrook gaan. Op die manier kun je met dezelfde snelheid doorrijden en de bus de ruimte geven om de snelweg op te rijden.
Vraag 21 van 49

Uitleg
Als je straks weer linksaf wilt slaan, dan moet je de meest linker rijstrook kiezen.
Vraag 22 van 49

Uitleg
Wegmarkeringen geven aan dat je 100 km/u mag rijden. Je mag hier inhalen als er geen tegenliggers zijn.
Vraag 23 van 49

Uitleg
Je moet het stoplicht aan de rechterkant voorbijrijden.
Vraag 24 van 49

Uitleg
Ik ga rechtdoor en zoek een betere plek om de snelweg af te rijden. Je moet verder rijden en een betere plek zoeken om de snelweg af te rijden. Het is niet toegestaan om de doorgetrokken lijnen en verboden plekken (verdrijvingsvlakken en puntstukken) over te steken.
Vraag 25 van 49

Uitleg
Ik zal rechtdoor gaan en een betere plek vinden om de auto te draaien. De weg is smal en je moet rechtdoor rijden om een betere plek te vinden om je auto te keren.
Vraag 26 van 49
Uitleg
Op deze kruising geldt de voorrang van rechts. De gele auto moet voorrang verlenen aan de fiets, aangezien deze van rechts komt. Ook de bus moet de fiets voorrang geven, omdat de fiets rechtdoor gaat terwijl de bus wil afslaan. De bus gaat na de fiets, omdat deze een korte bocht maakt. De gele auto gaat als laatste, omdat deze een langere bocht maakt. De juiste volgorde is: Fiets, Bus, Gele auto.
Vraag 27 van 49

Uitleg
Je rijdt in de bebouwde kom en je mag niet harder dan 50 km/u.
Vraag 28 van 49

Uitleg
Het kind zit niet helemaal stabiel op de fiets, je moet langzamer rijden en meer naar links gaan om een veilige afstand tot het kind te bewaren.
Vraag 29 van 49

Uitleg
Je hebt hindernissen aan jouw kant van de weg en je moet fietsers voor laten gaan. De weg is glad en je moet zachtjes remmen.
Vraag 30 van 49

Uitleg
Hier is een slecht overzicht en een tegenligger komt eraan, (onderaan de heuvel) daarom moet je afremmen en wachten om campers in te halen.
Vraag 31 van 49
Uitleg
Met een rijbewijs B mag je met een auto: - Een aanhanger trekken van maximaal 750 kilo (lege gewicht + laadvermogen); - Een aanhanger trekken van meer dan 750 kilo als de auto en de aanhanger samen niet boven de 3.500 kilo (lege gewicht + laadvermogen) uitkomen.
Vraag 32 van 49
Uitleg
Op het kruispunt heeft de gele auto haaientanden op het wegdek en moet dus wachten. De rode auto die rechtdoor gaat heeft voorrang op de zwarte auto die wil afslaan (rechtdoorgaand verkeer gaat voor afslaand verkeer). De juiste volgorde is: Rode auto, Zwarte auto, Gele auto.
Vraag 33 van 49
Uitleg
Je moet 80 km/u rijden en het voertuig voor je inhalen. Hier mag je niet 100 km/u rijden.
Vraag 34 van 49

Uitleg
Je moet op dezelfde rijstrook rijden omdat de voertuigen op de invoegstrook van de snelweg binnenkort de snelweg oprijden. Er is geen reden om naar de rijstrook aan je linker- of rechterkant te gaan omdat de voertuigen op de invoegstrook de snelweg zullen oprijden op rijstrook nummer 1 aan je rechterkant en daarom moet je op dezelfde rijstrook blijven (rijstrook nummer 2).
Vraag 35 van 49
Uitleg
Het is verboden om te stoppen en de auto te parkeren op de snelweg, in- en uitvoegstroken en vluchtstroken. Het is verboden om te stoppen en de auto te parkeren op de snelweg, in- en uitvoegstroken en vluchtstroken.
Vraag 36 van 49

Uitleg
De weg is smal en glad door de sneeuw. Je moet vertragen en zoveel mogelijk naar rechts gaan.
Vraag 37 van 49

Uitleg
Er is een goed overzicht en er zijn geen verbodsborden. Je moet de vrachtwagen in deze situatie blijven inhalen.
Vraag 38 van 49

Uitleg
Je kunt de fietsers meteen inhalen, je hebt een goed overzicht en geen verbodsbepalingen.
Vraag 39 van 49

Uitleg
Je moet dezelfde snelheid van 50 km/u aanhouden omdat andere voertuigen op je wachten voordat ze verder kunnen rijden. Op deze kruising moet verkeer dat van zijwegen nadert voorrang verlenen.
Vraag 40 van 49
Uitleg
De fietser heeft haaientanden, dus de fietser moet voorrang verlenen aan de gele auto en de bus. De gele auto gaat als eerste, want "korte bocht gaat voor lange bocht". De juiste volgorde is: Gele auto, Bus, Fietser.
Vraag 41 van 49

Uitleg
Het bord in optie A is correct. Een rond bord wordt gebruikt voor verboden of geboden, en het bord 'vrachtwagens mogen niet inhalen' is rond met een rode rand. Zelfs onder sneeuw blijft de ronde vorm herkenbaar. Optie B is fout, want een omgekeerde driehoek betekent 'voorrang verlenen', niet 'inhalen verboden'. Optie C is ook fout, want een ruitvormig bord duidt een voorrangsweg aan, niet een verbod voor vrachtwagens.
Vraag 42 van 49

Uitleg
Het bord in optie A betekent 'verboden in te rijden'. Dit bord heeft een rode cirkel met een witte horizontale balk in het midden en geeft aan dat niemand vanaf deze richting mag binnenrijden, inclusief voertuigen, ruiters en personen met dieren. Optie B is fout, want een volledig witte cirkel met een rode rand betekent 'verboden voor alle voertuigen'. Optie C is ook fout, want het achthoekige rode bord met de tekst 'STOP' betekent dat bestuurders volledig moeten stoppen, maar het is geen inrijverbod.
Vraag 43 van 49

Uitleg
Als je links afslaat op een rotonde moet je op de meest linkse rijstrook gaan staan, net als bij links afslaan op kruispunten.
Vraag 44 van 49

Uitleg
Je moet langzamer rijden en meer naar links opschuiven om een betere veiligheidsafstand tot de kinderen te krijgen. Probeer het gebruik van de toeter te vermijden in situaties met kinderen, omdat ze daardoor verrast kunnen worden en onvoorspelbaar kunnen reageren.
Vraag 45 van 49

Uitleg
De weg is bedekt met sneeuw en in deze situatie moet je voorrang aan rechts geven. 30 km/u is te snel. Je moet andere weggebruikers laten zien dat je voorrang kunt en wilt verlenen door langzamer te rijden. Een gepaste snelheid in deze situatie is 5 tot 10 km/u.
Vraag 46 van 49

Uitleg
Ik ga verder rechtdoor en vind een betere plek om de auto te keren. Het is verboden om de doorgetrokken lijnen over te steken. Je moet verder rijden en een geschikte plek zoeken om te keren.
Vraag 47 van 49

Uitleg
Ik zal het midden van de weg doorsteken en de ruiters passeren. Je moet in het midden van de weg rijden en ruiters voldoende ruimte geven. Je moet de claxon niet gebruiken, omdat er in deze situatie geen gevaar is. In het algemeen moet je proberen het gebruik van de claxon te vermijden in situaties met paarden en kinderen, omdat ze onvoorspelbaar kunnen zijn en verrast kunnen zijn als je de claxon gebruikt.
Vraag 48 van 49

Uitleg
Ik verlaag mijn snelheid en rijd verder met een snelheid van 40 km/u. Je moet vertragen en doorrijden met een snelheid van 40 km/u in verband met het risico van losse stenen op de weg.
Vraag 49 van 49

Uitleg
Je mag een driepuntsdraai maken. Het overzicht is goed en er zijn geen verbodsbepalingen.
Oefenexamen afgerond
Dit is een oefenresultaat en geen officiële examenuitslag van het CBR.